Mijn Keunstwurk

Dwarskijkers: spel van community art constant in beweging

Door:
Froukje Stuursma
Door:
Froukje Stuursma

De community-arts zijn volgens de kunstenaar en internationaal gerenommeerde community-art onderzoeker François Matarasso altijd in ontwikkeling. De Brit bracht aflopen week een bezoek aan Fryslân en stelde zich op de hoogte van de projecten van de makers van de kaderopleiding van De Reis. Tijdens de laatste Dwarskijkers-lezing plaatste hij community-art in Friesland in een historisch en internationaal perspectief. In navolging van het luik over de spelregels om met kunst maatschappelijke impact te creëren, ging de laatste bijeenkomst namelijk over de knikkers van het spel: hoe kan het nieuwe kunstbegrip daadwerkelijk worden ingebed in de samenleving?

Projectleider Rozemarijn Strubbe van Keunstwurk legt nog eens uit hoe het zit met De Reis. Het begon in 2011 als een zoektocht door Fryslân om de culturele kracht van de provincie zichtbaar te maken. Professionele artistieke leiders onderzochten in dorpen en steden hoe ze een sociaal-artistiek project van onderaf konden ontwikkelen door met hun doelgroep te kijken naar maatschappelijke kwesties die speelden in de omgeving. Op basis van hun wensen ontstond er een idee dat werd vormgegeven door de artistieke leiders en uitgevoerd door de deelnemers.

Er werden veertien projecten op poten gezet en daarin zocht De Reis een rode draad: hoe kun je als artistiek leider culturele interventie plegen? Het antwoord op die vraag is niet eenduidig. De ervaringen zijn vastgelegd in Kompas voor De Reis (2013), maar worden verder onderzocht in de tweede fase van De Reis, die afgelopen voorjaar van start is gegaan. Naast dat er een groot aantal sociaal-artistieke projecten gaat plaatsvinden, legt Strubbe uit dat De Reis tussen nu en 2018 ook dient als laboratorium waarin de werkwijze voor community-art wordt doorontwikkeld. Sicco Cleveringa, kennispartner namens onderzoeksbureau CAL-XL, benoemt vier kernkwaliteiten van de projecten: contextueel, artistiek, participatief en transformatief.

A Restless Art
Sinds Matarasso voor het eerst in aanraking kwam met gemeenschapskunst begin jaren ’80 is er veel veranderd en naar aanleiding daarvan is hij een nieuw onderzoek gestart onder de naam A Restless Art. Daarin verdiept hij zich opnieuw in het begrip community-art, hoe het wordt uitgevoerd en in de manier waarop kunstenaars en deelnemers omgaan met de uitdagingen waarvoor ze staan. Hij reist daartoe de hele wereld over en beseft zich steeds meer hoe groot de diversiteit aan projecten is.

Volgens Matarasso zijn er drie factoren die met de grote diversiteit in het werkveld te maken hebben: plaats, tijd en artistieke visie. De eerste factor heeft vooral betrekking op context of situatie. Zo legt hij uit hoe in Kirgizië in Centraal-Azië kleine jongens en meisjes samen muziek maken in de moskee. Officieel mag dat niet in het grotendeels Islamitische land, maar met dit project wordt er een broedplaats gecreëerd waar jongens en meisjes samen kunnen spelen op een plek die juist zo belangrijk is voor het uitoefenen van het geloof.

Met betrekking tot de factor tijd, geeft Matarasso een voorbeeld van het Amber filmcollectief. De groep is ontstaan in 1968 en bestaat nu dus al bijna vijftig jaar. Daardoor heeft zij een generatieverschil kunnen vastleggen in haar werk, namelijk hoe een stad die leeft van scheepsbouw en mijnen de-industrialiseert. Op de plek van de voormalige mijn staat nu een winkelcentrum, dat oplicht als het ’s avonds donker wordt. Op het gebied van artistieke visie laat hij zien hoe een kunstenaar jonge dansers niet alleen aanspoort tot bewegen, maar het dansen tot een levensstijl verheft die bijvoorbeeld ook inhoudt om goed voor je lichaam te zorgen en goede voeding tot je te nemen.

Dualiteit en concurrerende doelen
Die laatste factor van artistieke visie heeft volgens Matarasso ook te maken met het bredere doel dat de kunstenaar nastreeft. Is dat sociaal of artistiek van aard? Er heerst een dualiteit tussenbeide in community art projecten en de leider moet voor zichzelf nagaan of de belangrijkste reden voor zijn project artistiek of sociaal is. Daarnaast moet hij zich afvragen wie de eigenlijke controle in handen heeft, de deelnemers of hijzelf? In dat geval gaat het om de vraag in welke mate een community art project daadwerkelijk participatief is: gebruikt de artistiek leider de mensen als materiaal voor zijn eigen project, of laat hij ze zelf een casus voorleggen en begeleidt en adviseert hij daar alleen bij?

Matarasso schrijft drie doelen toe aan community art: mensen toegang geven tot de kunsten, sociale verandering bewerkstelligen en deelnemers culturele rechten geven. Vanwege deze drie doelen en de conflicten daartussen is het ook niet vreemd dat hij zijn onderzoek restless noemt: er moeten constant afwegingen worden gemaakt en dat zorgt voor een grote verscheidenheid aan community art projecten. Die zal ook alleen maar toenemen, Matarasso signaleert namelijk vier toekomstige ontwikkelingen die ook de gemeenschapskunsten aangaan: nieuwe technologieën, globalisering, veranderend beleid en nieuwe opvattingen in de kunsten.

Projecten pitchen
De kunstprojecten van de nieuwe lichting makers en hun maatschappelijke partners getuigen van die grote diversiteit in het veld. Vijf projecten uit Lab LWD, waar De Reis onderdeel van uitmaakt, geven een pitch van een project waarmee ze in 2016 daadwerkelijk van start gaan. Echter, voordat het zover is, moeten ze een manier vinden om met een aantal dilemma’s om te gaan. Vaak gaan die over het maken van slimme keuzes tussen de verschillende belangen en doelen die bij een project komen kijken. Ze schakelen het publiek in voor hulp en advies, maar de aanwezigen kunnen de makers ook stimuleren om juist op een andere manier tegen hun dilemma aan te kijken.

De Skelling
Zo werkt Lisette Bokma aan de Skelling, een alternatieve munteenheid waarmee in een wijk in Leeuwarden tijd kan worden gekocht om bijvoorbeeld te helpen met klusjes. De Skelling is daarmee een munt die gebaseerd is op een ruilsysteem en niet op euro’s. Het voordeel daarvan is dat de waarde ook binnen de stad blijft. Het dilemma van Bokma is echter dat het project van hogerhand is bedacht en het idee voor een alternatief betaalmiddel dus niet uit de wijk zelf is gekomen. Ze vraagt zich dan ook af hoe ze het project succesvol kan uitvoeren en er draagvlak voor kan creëren.

In plaats van meteen adviezen op tafel te gooien, vraagt de groep aan Bokma om eerst nog eens goed te kijken naar de opdracht zelf: waarom heb je hem aangenomen en wat is je droomuitkomst? Bokma heeft niet de illusie om alle problemen in de buurt op te kunnen lossen, maar wil mensen in beweging krijgen. De vraag wordt vervolgens hoe ze zich als ware kan ingraven in de wijk. Daarover heeft de groep wel adviezen: sluit aan bij initiatieven waar de energie al is, maak voor de wijkbewoners zichtbaar wat de toegevoegde waarde is van de Skelling of experimenteer met een groepje hoe het is om een week zonder euro’s te leven. Op deze manier kom je weer los van de opdracht en kan je er vanuit je eigen ideeën mee verder.

Keuzes maken
Het blijkt een kwestie waar veel jonge makers tegen aanlopen: eigenaarschap. Hoe maak je een project jouw project, maar zorg je ervoor dat de doelgroep toch het eigendom behoudt en het gevoel heeft dat het hun werk is? Het zijn afwegingen waar ze na de kaderopleiding zelf keuzes over moeten maken en ze vergaren steeds meer kennis en kunde om dat ook goed te kunnen doen. Wat de uitkomsten zijn, merken we komend voorjaar.

 

Contactpersoon
Rozemarijn StrubbeAdviseur Theater
Werkdagen:ma, di, do
Telefoon:058 234 34 50