Mijn Keunstwurk

Herkenning is het sleutelwoord van LAB Molke 2

Door:
Froukje Stuursma
Door:
Froukje Stuursma

Het einde van de wereld, zo wordt de locatie van de boerderij van de familie Van Dijk in Nijhuizum wel genoemd. Het is de plek waar het laatste weekend van augustus de presentaties van LAB Molke plaatsvinden. Uitgestrekte weilanden met in de verte tevreden grazende koeien, een broeierige lucht, zoemende muggen en de geur van stro en opgedroogde koeienvlaaien vormen het decor voor een voorstelling over de veranderingen in de melkveesector sinds de opheffing van het melkquotum in april dit jaar.

LAB Molke is een onderzoeksproject van de Reis, het community-art programma van LAB LWD van de Kulturele Haadstêd 2018. Aan het begin van de zomer logeerden tien theatermakers in opleiding bij de boer om inzicht te krijgen in de dilemma’s waarvoor hij staat sinds het Europese melkquotum is afgeschaft. Aan de theaterscènes die daaruit voortvloeiden, is nu een vervolg gegeven door met vier boeren diepte-interviews te houden om verder in te gaan op de keuzes die zij moeten maken.

De resultaten presenteren de theatermakers in vier verschillende scènes. In plaats van spelers, zijn ze nu regisseurs van het stuk. Professionele acteurs spelen de fragmenten die ze hebben geschreven en een koor van amateurzangers verklankt de onuitgesproken emoties van de boer. Waar in de eerste, besloten presentatie van LAB Molke duidelijk werd dat theatermakers en de boer tegen de verwachting in veel gemeen hebben, is het nu met publiek erbij de vraag of LAB Molke ook een brug kan slaan tussen boer en burger.

Generatiekloof
De belangstelling is in elk geval groot: er is geen zitplekje meer te vinden op de pakken stro die in het land zijn neergezet. Het eerste onderwerp is gelijk delicaat: bedrijfsovername en een generatiekloof. Decennialang boert de familie Adema op dezelfde grond en bij elke opvolging groeit het boerenbedrijf gestaag. De jongste Tsjerk Adema heeft net zijn diploma aan de Nyenrode Business University behaald en wil het over een andere boeg gooien: investeren en controleren. Heit roept: “In kantoar smyt dochs gjin jild op”, maar Tsjerk heeft ervoor geleerd en nu Heit ten ein is, grijpt hij zijn kans om het bedrijf te laten groeien: “Wat witsto dêr no fan, it moat dochs effisjinter!”.

Spanning tussen generaties is ook voelbaar in een volgende scène, waar de stoet onder begeleiding van koeiengeluiden uit een geluidsbox in een kruiwagen traag naartoe wandelt. Na ruzie over de koers van het familiebedrijf gaan vader en zoon apart verder. De één op de oude voet, de ander geeft op aanmoediging van zijn Hollandse vrouw Esmee nieuwerwetse rondleidingen over de boerderij. Heit vertelt cynisch hoe zijn zoon de boerderij Van Boer tot Brood heeft gedoopt en vraagt zich af wanneer ze beginnen met koe knuffelen. Vanzelfsprekend grinnikt het publiek, maar eigenlijk is het een trieste situatie: voor elke ouder blijft de droom van opvolging door de volgende generatie.

Theetijd
Vooral deze scènes over opvolging blijven hangen bij de toeschouwers, die een overwegend agrarische achtergrond hebben. Een boer uit de buurt becommentarieert: “Ien hat tefolle leard, dat is gjin boer mar in studint. De kennis is wittenskiplik oerbrocht, dat is gjin passy”. Ook het andere fragment was heel herkenbaar: “It frommeske dat der by yntroud is, sil it wol sizze”. Het was een beetje overdreven gespeeld, maar dat zorgt er ook voor dat er wat te lachen valt. De mondhoeken gaan vooral omhoog bij herkenbare stukken, zoals in de laatste scène waar met de theetijd de hete drank steeds van het kopje naar het schoteltje wordt gegoten opdat het sneller afkoelt.

Niet alles is humoristisch: “Der binne ek dingen dy’t je reitsje, mar dy hâlde je foar josels”. Een pijnlijke scène is die waarin vader en zoon elke dag samen werken op het land, maar zwijgen tegen moeder tijdens de koffie om tien uur en de thee om vier uur. Ze had een heel ander beeld van het boerenleven toen ze van buitenaf de plaats betrok en voelt zich onzichtbaar. Zelfs zo erg, dat het koor haar aan het einde van de scène letterlijk omsluit. De boeren begrijpen het: “Heit en soan dogge dat sa, as frou falle je der hûndert prosint bûten”.

Meer dan alleen laten zien
Het is prettig dat de boeren zich kunnen herkennen in de gespeelde fragmenten. Muziek en theater zijn middelen om aan de buitenwereld ook echt te kunnen laten zíen wat er speelt. Maar is dat genoeg om te beklijven? Kun je met theater niet veel meer dan alleen de werkelijkheid weergeven? Hoeveel spannender is het om bestaande percepties uit te dagen, de verbeelding aan te spreken en nieuwe perspectieven te ontwikkelen? De volgende stap voor LAB Molke zou zijn om te onderzoeken hoe ze meer kan doen dan enkel laten zien, De Reis is wat dat betreft nog maar net begonnen.

Contactpersoon
Rozemarijn StrubbeAdviseur Theater
Werkdagen:ma, di, do
Telefoon:058 234 34 50