Mijn Keunstwurk

Uit de (amateur)kunst! – Samen zingen voor onderlinge verbinding

Door:
Door:

Samen zingen is voor veel mensen een belangrijke activiteit: voor de gezelligheid, het contact, de ontspanning. Meindert Bosklopper en zijn vrouw Wietske Koopal hebben er daarom in coronatijd alles aan gedaan om hun koorleden te laten zingen en met elkaar in contact te blijven.

Meindert Bosklopper is dirigent van popkoor Blue Note en vijf Overdagkoren. Deze overdagkoren zijn gekoppeld aan zorginstellingen in Drachten en Leeuwarden. Meindert: “De opzet van de Overdagkoren is, om binnen een zorginstelling te repeteren waarbij de bewoners tijdens de repetities kunnen komen kijken en luisteren met als doel om hen een aantal muzikale uurtjes te laten beleven. Dit geeft voor de bewoners reuring en afleiding en de mogelijkheid voor ontmoeting met de koorleden.”

Het eerste ‘corona’- telefoontje dat Meindert in maart kreeg was van het Wijkzorgcentrum Greunshiem. Het centrum ging op slot, niemand mocht er meer in. In eerste instantie probeerde Meindert nog een andere locatie te zoeken voor zijn koor, maar die avond deelde Rutte mee dat ook niet meer tot de mogelijkheden behoorde. Meindert: “Dat was een enorme domper. Hoe gaan we het dan doen? Je wilt de koorleden plezier geven, ze laten blijven zingen en ze aan je binden. Anders gaat het koor misschien als een nachtkaars uit.”

Koorsessie via Zoom

Meindert startte koorsessies via Zoom. Dit was een hele onderneming voor zijn koorleden, die allemaal tussen de vijftig en negentig jaar zijn. “Maar de oudste is nog heel kwiek hoor! Die loopt nog iedere week naar de repetitie.” Wel zijn deze mensen niet altijd heel bedreven met computer. Ook was er in het begin nogal wat opspraak over de veiligheid van Zoom, waren de ouderen bang om gehackt te worden. Een deel van het koor zag het echter wel zitten en zo ontstonden er wekelijkse koorsessies. “We hadden een weekschema, met vaste momenten voor ieder koor. Wie mee wilde doen, melde zich van te voren aan. De sessies werden heel goed ontvangen. Vooral vanwege de behoefte aan gezelligheid en contact.”

Iedere koorsessie had een vaste opbouw:

1. Gesprekje: even horen hoe het met iedereen gaat. "Gelukkig was er in al die maanden nooit sprake van ziekte bij een van de koorleden.”
2. Bewegen: je lijf losmaken volgens een vast patroon.
3. Inzingen met een aantal liedjes, zoals een canon.
4. Technische oefeningen en theorie “Voor theorie heb je in gewone repetities vaak niet veel tijd, maar juist wel in de zoomsessies. Bijvoorbeeld een oefening in solimeren (zingen op do-re-mi), waardoor je meer inzicht krijgt in toonhoogte.”
5. Spelletje/raadsel ter afsluiting

Het was voor Meindert wel een intensieve manier van dirigeren: “Het repeteert heel anders. Je krijgt minder terug van je koorleden, door de afstand van de schermen. Ze kunnen alleen mij horen en niet de andere koorleden.” Zijn vrouw Wietske Koopal doet de korenadministratie. Alle koorleden ontvingen iedere keer een mail met informatie ter voorbereiding en een filmpje van de sessie, zodat ze deze nog eens door konden nemen. Het koorseizoen ging dit jaar langer door dan normaal. Waar ze anders in april stoppen, gingen de zoomsessies tot de zomer door.

Weer naar buiten

Sinds 1 juni kunnen koren weer buiten repeteren. Meindert doet dit met zijn koren in de tuin van het Karmel Klooster: “Eerst met drie meter afstand, maar dat is niet te doen, dan maak je geen contact. Nu mag het met 1,5m afstand, zolang er een zigzagopstelling wordt gehanteerd. Hierbij mix ik de koorleden: zowel recht als links van de mannen staan alten en sopranen opgesteld. Zo hebben ze meer steun aan elkaar, omdat stemmen buiten minder ver dragen. De koorleden vinden het fijn, maar moesten wel wennen dat ze niet naast hun gebruikelijk buurvrouw staan.”

Meindert merkte dat er in het begin wel angst was onder zijn koorleden om weer bij elkaar te komen, maar er zijn steeds meer koorleden die mee willen doen. Meindert: “Het is een verzetje in deze tijd. We maken het vooral heel gezellig, met niet al te moeilijk repertoire zodat er voor leuk en ontspannen gezongen kan worden. Gelukkig hebben we tot nu toe steeds mooi weer gehad. Voor het najaar gaan we op zoek naar een geschikte binnen locatie met voldoende ruimte en goede ventilatie. De grote koren zullen we dan misschien moeten splitsen.” Meindert adviseert andere koren om zorgvuldig te kijken naar geschikte (veilige) locaties en te voorkomen dat hier onzekerheden over ontstaan bij koorleden.

Contact houden

Het belangrijkste advies van Meindert voor andere dirigenten is het onderhouden van het contact met de koorleden. Zijn vrouw Wietske deed dit onder andere door om de dag een blog te schrijven over hun dagelijkse bezigheden. Dit werd enorm gewaardeerd door de koorleden. De blogs werden goed gelezen en Wietske ontving veel reacties. Daarnaast verzorgde ze samen met koorleden ‘zwaaisessies’: op de fiets ging ze bij koorleden langs die alleen wonen om een te zwaaien en een praatje te maken door het raam. De liefste wens van Meindert en Wietske is dat ze in het najaar weer mogen repeteren in de zorgcentra, zodat ook de bewoners weer mogen genieten van hun zang en de gezelligheid. “Maar dat is natuurlijk nog maar de vraag.”


Als tegenprestatie voor het gebruik van de tuin van het Karmel Klooster treden de koren deze week op voor publiek: https://www.meindertbosklopper.nl/nieuws.html